Plant met 11 letters

Letters Gevonden puzzelwoorden
11 letters aagjesappel - aardamandel - aardbeiboom - absintalsem - acanthaceae - achnatherum - acidanthera - adderwortel - adonisbloem - afgodskruid - afrikaantje - afzeliaboom - akeleipluim - akkerdistel - akkerdravek - akkerdravik - akkerklaver - akkerklokje - akkerscherm - akkervrucht - alpenazalea - alpendistel - alpenklaver - alpenklokje - alpenroosje - alruinplant - amandelboom - amandelwilg - amelanchier - ananasplant - antirrhinum - apocynaceae - appelvrucht - araliaceeen - arendsvaren - artsenijboom - arundinaria - ascomyceten - asphodeline - astilboides - bajonetboom - balkonplant - balsamappel - balsemappel - balsemkruid - bamboeplant - bananenboom - baniaanboom - basterdmuur - bazielkruid - beemdklaver - begoniaceae - bellenplant - bergandoorn - bergandoren - bergereprijs - bergjasione - bergknautia - bergseselie - besanjelier - bessestruik - bezekesboom - bezemdophei - bezemstruik - bietenkroot - biggenkruid - bilzenkruid - bingelkruid - bitterappel - bitterewilg - bitterkruid - blaassilene - blackstonia - bladbegonia - bladgroente - blankeagave - blarenplant - blauwedruif - blauweknoop - blauweregen - blauwesalie - blauwezegge - blauwklokje - blauwkussen - blauwputter - bloedgierst - bloedkoraal - bloedzuring - bloemklokje - bloesemboom - blondezegge - bochtiglook - boerenlelie - boerenpruim - boerentabak - bolrapunzel - bontekrokus - boomfuchsia - boompapaver - boompjesmos - borstelbies - borstelgras - bosgeelster - boskraaltje - boslathyrus - bosstijlloos - bosveldkers - bosviooltje - bosvogeltje - bourbonroos - braakwortel - braamstruik - brassicella - brazielhout - bredeorchis - breedklokje - broodvrucht - broodwortel - bruidsbloem - brusselslof - buishyacint - buisjeszwam - bulbocodium - buphthalmum - cactusdalia - calandrinia - calceolaria - callistemon - callitriche - calycanthus - canadeserus - cantharelle - caryopteris - centunculus - cephalantus - chaenomeles - cheiranthus - chelidonium - chenopodium - chinesekool - chineseroos - chionanthus - chlorofitum - citroenboom - citroengras - citroenpeer - clinopodium - coloradoden - composieten - convallaria - convolvulus - corispernum - cornucoplae - cotoneaster - crucianella - cryptogamae - cryptogamen - cryptomeria - cubebepeper - cupuliferae - cupuliferen - cynoglossum - cyperaceeen - cypripedium - cystopteris - damastbloem - damastpruim - dennenappel - deschampsia - descurainia - dessertblad - diamantpeer - dikvetkruid - dioscoreeen - dipsacaceae - dirkjespeer - distelkruid - dodecatheon - dollekervel - donderbaard - donderbloem - donderkruid - donzigeklis - doolhofzwam - doorndistel - doornstekel - doornstruik - dotterbloem - douglasspar - draadgierst - draadklaver - dradenagave - drakenbloed - drakenkruid - drankenpalm - droseraceae - druivenboom - druivenstok - duinaveruit - duinwalstro - duivelsbeet - duivelsblad - duivelsboom - duivelsdrek - duivelskaas - duivelskers - duivelsmelk - duivelsstok - duivelszwam - duizendblad - duizendvoet - dwergbanaan - dwergcactus - dwergcipres - dwergmispel - dwergnarcis - echinochloa - echinodorus - echteheemst - echtejasmijn - echtekervel - echtwalstro - edeleclivia - eendenkroos - egelijskruid - eigenheimer - elatinaceae - elfenbankje - elzenstruik - empetraceae - engelwortel - enkelepioen - ertschallen - erythronium - esdoornblad - espartogras - eucharidium - ezelsaugurk - ezelsdistel - ezelslippen - filipendula - fleskalebas - floridaboon - fluitekruid - fluweelblad - fluweelboom - fluweelgras - fothergilla - fransewikke - fritillaria - fumariaceae - gaatjeszwam - galappeleik - galdanthera - galeobdolon - ganzenbloem - ganzenkruid - gaspelbloem - gaspeldoorn - gaspeldoren - geelbedstro - geelwalstro - geiteklaver - geitenbaard - geleaffodil - geleamaniet - geleanemoon - gelekamille - geleluzerne - gelemosterd - genadebloem - genadekruid - geoordewilg - geraniaceae - gerstdravik - gesneraceae - getahpertja - geuzenhoorn - geuzenhoren - gewonebraam - gewoneraket - gewonetarwe - gewonevlier - gewonezegge - gierstmelde - gladdeaster - gladdesumak - gladdezegge - gladwalstro - goudenregen - goudknoopje - goudpapaver - goudpepping - granaatboom - granaatzwam - grauweabeel - groefcactus - grotezuring - guichelheil - guldenroede - gunneraceae - guttapercha - gymnocladus - handjesgras - hanenboeten - havikskruid - hazelstruik - hazelwortel - hazendistel - hazenkervel - hazenklaver - hazenpootje - hazenstaart - heggenkruid - heggenwikke - heggenwinde - heideroosje - heksenbezem - heksenkrans - heksenkring - heksenkruid - heleocharis - helichrysum - helleborine - hemdsknopje - hemelroosje - hemlockspar - hennenbloem - hennepnetel - herfstaster - herfstbloem - herfstkweek - himalayaden - hippeastrum - hoenderbeet - hoendergras - hofjesbloem - hondenbeien - hondenbloem - hondenklaar - hondenkruid - hondsbossen - hondsbremen - hondsdistel - hondsdravik - hondsvenkel - hondswortel - honigklaver - honingbloem - honingheide - hooibloemke - hoorncactus - hoornklaver - hoornmeloen - hopwarkruid - horencactus - horenklaver - houtstoofje - hydrocharis - hydrocotyle - hypochoeris - ierseklimop - incarvillea - indigobloem - indigoplant - inkelantier - iobopsidium - ionopsidium - ipecacuanha - ivoordistel - jaapjespeen - jalapwortel - japanseiris - japansekers - japansekwee - japanselork - japansewilg - jerichoroos - jodennootje - kaarddistel - kaarscactus - kafferkoren - kaimastruik - kaktusdalia - kalebasboom - kalkbedstro - kalkwalstro - kanarieboom - kanariegras - kanariekers - kanariezaad - kaneelappel - kaneelbloem - kaneelvaren - kankerbloem - katoenplant - katsuraboom - kattendoorn - kattendoren - kattenkruid - kegelsilene - kentranthus - kerstcactus - kettingraai - keverorchis - kiemplantje - kievitsboon - kinderplant - kippengerst - klapperboom - klappernoot - klaterabeel - klaverbloem - kleebwalder - kleineaster - kleinemajer - klimopwinde - knobbelpunt - knolamaniet - knolbegonia - knolcyperus - knolribzaad - knolselderij - knolserdery - knoopcactus - koebloempje - koeieboleet - koeienbloem - koffieplant - kogeldistel - kokervrucht - kokosvrucht - kollenbloem - konijnenblad - koningspalm - kooltjevuur - koortsbloem - koortskruid - korstmossen - krakelbezie - krentenboom - kreupelgras - kreupelhout - kriekenboom - krooncactus - kropandyvie - kruisdistel - krulandijvie - kuifhyacint - kwaaienaard - kwassieboom - kweekdravik - kweldergras - laatbloeier - lakanturium - laksteeltje - larixkanker - laurierboom - laurierkers - laurierroos - laurierwilg - lavendelhei - leeuweklauw - leeuwenmuil - leeuwentand - leguminosen - lemoenappel - lenteklokje - lepeldiefje - levermossen - leycesteria - limoenkruid - linnenkruid - liquidambar - lobeliaceae - loganiaceae - longenkruid - loofplanten - luizenpeper - lythraceeen - maagdenpalm - maagdenpeer - maartegerst - maatjespeer - mahonieboom - maianthemum - malanthemum - mammoetboom - manbarsklak - mannaklaver - mannentrouw - mantelanjer - mariadistel - mariahartje - mariaklokje - maskerbloem - massooiboom - mastiekboom - mazaganboon - medusahoofd - meelprimula - meibloempje - meisjesogen - melisseblad - meloenappel - mercurialis - metaalplant - metasequoia - mexicaantje - middagbloem - millefolium - mimosaceeen - modderkwaad - moederkoorn - moederkoren - moederkruid - moederplant - moerasbloem - moerasheide - moerasplant - moerasraket - moerassmele - moerasvaren - moeraszegge - moerbeiboom - moesgroente - moffenkruid - monocotylen - mosbloempje - mosselbloem - mosterdzwam - mottenkruid - mottenplant - muizengerst - muizenkoren - muizentarwe - muskaatboom - muskaatnoot - muskuskruid - muskusplant - muurzakboom - myricaceeen - nachtcactus - nachtorchis - nachtschade - nachtschone - nachtsilene - najadaceeen - narcislelie - negelantier - negenwerker - nephrolepis - nerfamarant - netelhennep - noordsehelm - nootmuskaat - nopalcactus - notemuskaat - oederszegge - olijffamilie - onagraceeen - onzekererus - oranjeappel - oranjebloem - oranjelelie - orchidaceae - orleaanboom - oroyacactus - orthocarpus - oxalidaceae - paardenboon - paardengras - paardenhoef - paardenvoet - pachysandra - paddenblare - paddenbrood - paddenstoel - pairaszegge - palingkruid - palissander - palmboompje - panterlelie - papierbloem - papierplant - parapluitje - parapluutje - parasolboom - parasolzwam - parnaskruid - passiebloem - pauwengerst - pedicularis - pelargonium - peperstruik - peperwortel - perzikkruid - perzikpruim - petroselium - phegopteris - physostegia - pieterselie - pindanootje - pittosporum - plataanboom - platanaceae - platycerium - pleiobastus - pluimgierst - pluiskoppen - pokhoutboom - polygonatum - polystichum - pompondalia - poolsetarwe - portelbezie - potamogeton - prachtanjer - prachtappel - prachtkaars - prachtlelie - prairiegras - prangwortel - primulaceae - pruikcactus - pruikenboom - pruimenboom - pruimspirea - pseudolarix - pseudothuja - pseudotsuga - puccinellia - puntasperge - puntwederik - purgeervlas - purperbloem - purperregen - purperwinde - raapselderij - raffiaplant - rammelappel - rattenkruid - rechtealsem - reineclaude - resedaceeen - reuzenlelie - reuzentarwe - reuzenviool - reuzenwikke - rhagadiolus - rhamnaceeen - ribbelzegge - ribbenkruid - ribbenkwaad - ribesiaceae - ricinusboom - ridderkruid - ridderspoor - rietsigaren - rietwalstro - ringelwikke - rinkelbloem - rodeesdoorn - roderussula - rododendron - roggedistel - ronddikblad - rondeorchis - rosseboleet - rossigewilg - rotsisotoma - rouwviolier - rozedeutzia - rozenstruik - rubberplant - ruigeacacia - ruigeheemst - rupsendoder - salicaceeen - sanguisorba - sansevieria - santalaceae - sapindaceae - sarothamnus - savooiekool - schachthalm - schaduwboom - schaduwgras - schaduwpalm - schapengras - schapentong - scheefbloem - schelwortel - schermbloem - scherpkruid - schietgerst - schijtwortel - schildkruid - schildvaren - schizanthus - schorseneel - schroefpalm - schubwortel - schyfkaktus - sciadopitys - scieranthus - scierochloa - scutellaria - selaginella - selderijknol - sempervivum - sierasperge - sierheester - sierkalebas - sierpompoen - sikkelkruid - sinaasappel - sisalhennep - slaapmutsje - slangcactus - slangenblad - slangenlook - slangenmuur - slangentong - slankewikke - slankezegge - slingerroos - smalleaster - smallewikke - smeerwortel - snavelzegge - sneeuwbloem - sneeuwheide - solanaceeen - solferbloem - sophiekruid - spalierboom - sparrenboom - spartelgras - speendistel - speerdistel - speermimosa - speerwortel - spergularia - sperzieboon - spliterwten - splitvrucht - sporenplant - sporkenhout - springkruid - staartpeper - steekdistel - steenklaver - steenvrucht - stekelbezie - stekelvaren - stekelzegge - stengelknol - steranemoon - sterhyacint - sternbergia - sterrenkers - sterrenmuur - stoelenbies - stokslaboon - stopeblaren - straalbloem - strandkruid - strandkweek - strandmelde - stranvaesia - streepvaren - struikgewas - struikheide - struisvaren - styracaceae - succulenten - suikerahorn - suikerappel - suikerbraam - suikerpruim - tabaksbloem - tabaksplant - tandjesgras - tandpijnboom - tasjeskruid - tazetnarcis - teenboompje - tepelcactus - teunisbloem - theeboompje - thelesperma - thelipteris - thelypodium - thijsselinum - thladiantha - timoteegras - topinamboer - tormentille - treuracacia - treurcipres - treurcypres - trommelstok - trompetboom - trompetzwam - troshyacint - trosspiraea - trosveenbes - trosviolier - tuilspiraea - tuinaardbei - tuinasperge - tuinlobelia - tuinverbena - turkselelie - urticaceeen - vallisneria - vanilleboom - varkensblad - varkensgras - varkenskers - varkenskool - vastelupine - vederdistel - veldesdoorn - veldkamille - venkelappel - venusschoen - verbenaceae - vingerplant - vingerzegge - vinkenbloem - vlasfamilie - vleestomaat - vleugelnoot - vliegenzwam - vlierstruik - voederwikke - vogelgierst - vogelnestje - vogelpootje - vroegehaver - vroegezegge - vrouwenhaar - vrouwentong - vruchtgewas - waardenhout - waldmeester - waldmeister - waldsteinia - wammesknoop - waterdistel - waterhennep - waterkaarde - waterkervel - waterklaver - watermeloen - watermontia - waterscheer - waterstruik - watervorkje - waterzuring - weerboompje - weesboontje - weidekervel - weideklaver - weideklokje - weverskaard - weverwortel - weymouthden - wiedemannia - wierookboom - wijfjesplant - wildeakelei - wildenarcis - wildereseda - wilgenkatje - windbloeier - winterappel - winterbloem - wintergerst - wintergewas - wintergraan - wintergroen - winterhaver - winterheide - winterkoren - winterlinde - winterrogge - wintertarwe - withoefblad - witteaalbes - wittebrunel - witteklaver - wittekrodde - wittelupine - wittenarcis - wittereseda - wittespirea - witvetkruid - woekerkruid - woekerplant - wolfswortel - wolligemunt - wonderappel - wonderbloem - wonderkruid - wortelgewas - wrangwortel - wydaarzegge - xeranthemum - zaadplanten - zachtehaver - zachtewikke - zeelathyrus - zeevlotgras - zeeweegbree - zeverwortel - zilverahorn - zilverbloem - zilverhaver - zilverkruid - zilverlinde - zilversalie - zilveruitje - zodenklokje - zoggedistel - zomeradonis - zomerazalea - zomercipres - zomerklokje - zonnecactus - zonneroosje - zuurzakboom - zwaardbloem - zwaardherik - zwaardkruid - zwaardlelie - zwaardplant - zwaardvaren - zwaluwkruid - zwanenbloem - zwanenbrood - zwartekomijn - zwartenetel - zwartezegge - zwavelkopje - zweepcactus - zwenkdravik - zwiepenboom - zygopetalum
Puzzelwoorden voor 'Plant' met meer of minder letters:
2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28